Coccidiose
Coccidiose is een parasitaire darmziekte die vooral jonge lammeren treft. Symptomen zijn diarree, groeivertraging en een verminderde conditie. Goede hygiëne in de stal en het beperken van besmetting via mest zijn belangrijk om uitbraken te voorkomen.
Epizootic haemorrhagic disease (EHD)
EHD is een virusziekte die lijkt op blauwtong en eveneens door insecten wordt overgedragen. De ziekte kan koorts, zwelling en bloedingen veroorzaken. Hoewel de ziekte bij schapen minder vaak voorkomt dan bij andere herkauwers, kan ze wel ernstige gezondheidsproblemen veroorzaken.
Huidparasieten
Schapen kunnen last krijgen van uitwendige parasieten zoals luizen, mijten en teken. Deze parasieten veroorzaken jeuk, huidirritatie en beschadiging van de vacht. Bij ernstige besmettingen kan de conditie van het dier achteruitgaan.
Leverbot
Leverbot is een parasiet die vooral voorkomt op natte weides. De parasiet beschadigt de lever en kan leiden tot vermagering, bloedarmoede en verminderde weerstand. Vooral in vochtige gebieden kan leverbot een groot probleem vormen.
Maag- en darmwormen
Maag- en darmwormen komen veel voor bij schapen en kunnen diarree, groeivertraging en bloedarmoede veroorzaken. Vooral lammeren zijn gevoelig voor worminfecties.
Een goed ontwormingsbeleid en regelmatig mestonderzoek helpen om wormproblemen te beheersen.
Myiasis (huidmadenziekte)
Myiasis, ook wel huidmadenziekte, is een ernstige aandoening die jaarlijks bij ongeveer 2 tot 5% van de schapen voorkomt. De ziekte wordt veroorzaakt door de larven (maden) van de blauwgroene bromvlieg (Lucilia sericata). Door het koppel regelmatig te controleren, goede hygiëne toe te passen en tijdig te scheren kan madenziekte worden voorkomen.
Mond- en klauwzeer (MKZ)
Mond- en klauwzeer is een zeer besmettelijke virusziekte die onder andere schapen, runderen en varkens kan treffen. De ziekte veroorzaakt blaren in de mond en rond de hoeven, waardoor dieren moeilijk eten en lopen. Vanwege de ernstige economische gevolgen worden bij uitbraken strenge maatregelen genomen.
Paratuberculose
Paratuberculose is een chronische bacteriële darminfectie. De ziekte leidt tot vermagering en uiteindelijk sterfte. De bacterie kan lange tijd in de omgeving overleven en verspreidt zich vooral via mest.
Q-koorts
Q-koorts wordt veroorzaakt door de bacterie Coxiella burnetii. Schapen kunnen besmet raken zonder duidelijke symptomen, maar de ziekte kan abortus veroorzaken bij drachtige ooien. De bacterie kan ook mensen besmetten, daarom is hygiëne tijdens het lammeren belangrijk.
Rotkreupel
Rotkreupel is een besmettelijke klauwaandoening die kreupelheid veroorzaakt. De bacterie tast de huid tussen de klauwen aan, wat pijn en ontsteking geeft. Natte omstandigheden vergroten het risico op rotkreupel.
Regelmatige klauwverzorging helpt om problemen te voorkomen.
Schmallenbergvirus
Het Schmallenbergvirus wordt overgedragen door knutten. Bij volwassen dieren veroorzaakt het meestal milde klachten, maar bij drachtige ooien kan het leiden tot misvormde of doodgeboren lammeren.
Zwoegerziekte
Zwoegerziekte (Maedi-Visna) is een chronische virusziekte, veroorzaakt door een lentivirus, die langzaam de longen en soms ook het zenuwstelsel aantast. Schapen krijgen ademhalingsproblemen en vermageren geleidelijk. De ziekte verspreidt zich via langdurig contact tussen dieren.
Gezonde schapen houden
Veel gezondheidsproblemen bij schapen kunnen worden beperkt door een goed management:
- Regelmatig controleren van het koppel
- Goede hygiëne in stal en weide
- Gericht ontwormen en mestonderzoek
- Vaccinatie waar mogelijk
- Goede klauwverzorging
- Een goed weidemanagement
Door vroeg signalen te herkennen en preventieve maatregelen te nemen, kunt u veel problemen binnen uw koppel schapen voorkomen.